IK DENK DAT GOD HET ME WEL VERGEEFT

2 november 2020

Ik ken E. al 15 jaar. Een buurvrouw van een flat verder, of terug, het is maar net welke kant je bedoeld. We kennen elkaar van de honden uitlaten in het bos vlakbij. Inmiddels wonen we er niet meer, maar we hebben nog contact. Helaas niet meer zo veel als eerst en in deze tijd is het vreemd om niet meer de nabijheid te mogen hebben zoals voorheen. Heel stiekem, als niemand ons ziet, een knuffel die ze zo heeft verdiend. Te absurd voor woorden dat dat illegaal is. Je affectie tonen, liefde, een arm om iemand heen. Ze zit sinds maart binnen. Gaat naar buiten om het hondje uit te laten. Iemand anders doet de boodschappen en heel af en toe gaat ze zelf. Maar dat heeft die vriendin liever niet. Een ieder die E. kent weet dat ze altijd in is voor een praatje en het bieden van een helpende hand. Haar lichaam is niet meer de fitste en is dat al jaren niet geweest. Ik ga niet in op details. Door haar vele sociale contacten, haar clubjes, uitjes en ritjes door het dorp en bos, weet een ieder die haar kent dat ze altijd in is voor een praatje en een geintje. Ze liet haar mankementen haar leven niet leiden en deed wat ze kon doen. We hadden elkaar al een half jaar niet gezien. Een ieder met een empathisch gevoel kan begrijpen hoe heerlijk het was om haar een enorme, liefdevolle, lange knuffel te geven en haar te laten merken hoe erg ik haar had gemist. Haar glimlach zei genoeg en ook bij het afscheid nemen konden we het niet weerstaan het nogmaals te doen. Dit soort vriendschappelijke liefde geef je niet op een afstandje. Niet met een elleboogje of een paar woorden. Ondanks dat ik vaker knuffel, was dit één van de meest intense omdat ik haar wilde laten voelen dat ik om haar geef en van haar houdt. Dit was geen onbezonnen éénvrouwsactie, maar met inspraak en het voelde goed. In mijn optiek zijn velen momenteel de essentie vergeten van hoe belangrijk fysiek contact op deze wijze is.

Hij was gemeend en niet zomaar. We wisten niet of we elkaar nog ooit zouden zien. Ik heb het haar wel gevraagd, om me te bellen om afscheid te nemen als het zo ver is, maar ja, dat weet je niet altijd. In haar geval wellicht wel. Nu moet je weten dat E. gelovig is. Gelovig opgevoed, jaren Jehova geweest, daar afstand van gedaan, maar God en Maria waren en zijn nog steeds belangrijk voor haar.

Een jaar of 5 geleden had ze het er reeds over om de pil van Drion te vragen aan haar huisarts of sterke morfinepillen, dat als het niet meer ging, dat ze er zelf voor kun kiezen, maar ze deed het niet, want dat zou God niet goed vinden. In dit geval bedoelde ze zij die aan God verbonden was, Maria.

E. bleef doorgaan. Dag en nacht pijnen en nog meer lichamelijke klachten die haar in de vorm van vermoeidheid aantastte en ook geestelijk soms zijn weerslag hadden. Artsen vermeed ze inmiddels zo veel mogelijk, want ze was de onderzoeken zat en inmiddels is ze de afgelopen 3 jaar reeds tot 4 keer toe met een maagbloeding naar huis gestuurd. E. is het zat en ze zeggen toch niets te kunnen doen. Ze behoort tot het grote aantal mensen waar artsen geen idee van hebben wat er mee te moeten, maar wel vol medicijnen te stoppen en zo behoord ze tot de risicogroep.

Ze blijft nog steeds haar vrolijke zelf naar de buitenwereld toe en maakt van iedere dag het beste zoals ze altijd al deed. Ze mist de contacten, de clubjes, het samenzijn, de bijeenkomsten en het gezang in de kerk, de rommelmarktjes, het zelf boodschappen doen, want al die zaken zorgde voor haar contacten. Gezien veel van haar vrienden ook wat mankeren zijn de bezoeken ver gereduceerd. Ze zorgt wel dat ze bezig is en bezig blijft, maar echt leuk en aangenaam is het niet te noemen.

Ze kent de Bijbel goed en weet wat komen gaat. Dat wilt ze niet meer meemaken. Ze wacht tot haar hondje er niet meer is en dan zal ze de pil van Drion gaan halen. Dan zal ik haar de allerliefste, meest dikke knuffel geven als afscheid. En als u denkt, maar dat zou ze toch niet doen want God en Maria…

Die vraag heb ik haar ook gesteld en die beantwoordde ze met: Ik denk dat God het me wel vergeeft.